Pages

Posts tonen met het label pooling the polls. Alle posts tonen
Posts tonen met het label pooling the polls. Alle posts tonen

donderdag 14 april 2011

Halfjaar kabinet-Rutte: terug bij af?

In oktober 2010 tradt het meest rechtse kabinet in jaren aan: een regering met ministers van VVD en CDA, in het parlement mede gesteund door de PVV. In een aantal opzichten ging het dit kabinet voor de wind. De goedgemutste jonge premier Mark Rutte zorgde voor een verfrissend geluid vanaf de regeringszetels tijdens de belangrijke parlementaire debatten. Het kabinet kwam met maatregelen waarbij rechts Nederland onder leiding van VVD-kamerlid Aptroot de vingers aflikte: 130 op de snelweg (sommige dan), een (aangekondigde) hervorming van de politie en er mag weer gerookt worden in kleine cafés zonder personeel. Na het aftreden van het kabinet steeg dan ook de steun voor de drie coalitiepartijen in de peilingen, van iets meer dan 50% naar zo'n 53% (ongeveer 80 zetels). Maar na de affaire-Lucassen c.s., de missie in Kunduz en in de aanloop naar de Statenverkiezingen verloren deze drie partijen steeds meer terrein: nu scoren de partijen volgens de beste inschatting* minder goed dan bij de laatste verkiezingen.

De zwarte geeft de schatting van het stemmenpercentage voor VVD, PVV en CDA gezamenlijk op elke dag. Het grijze gebied geeft een 95% credibility interval (foutmarge). De gekleurde ronde bolletjes geven de uitslag van de verschillende peilingen aan: een rode P voor Peil.nl, een blauwe B voor Politieke Barometer en een groene N voor TNS NIPO.

VVD
De VVD doet het als enige coalitiepartij nog goed. De partij verloor sterk tijdens de onderhandelingen voor Paars-Plus (niet echt een favoriet bij de VVD-kiezers), maar steeg daarna gestaag door naar een hoogtepunt van 23,5% (+- 36 zetels). Met name tijdens de campagne leek de VVD het lastig te hebben, maar de laatste weken wint de partij weer terrein.



PvdA
De grootste oppositiepartij PvdA staat nog steeds op verlies ten opzichte van de Kamerverkiezingen, maar lijkt het diepste dal te hebben gehad. Sinds december is de partij bezig met een herstel, wat stevig doorzette rondom de besluitvorming inzake Kunduz. Ook de verkiezingscampagne verliep redelijk gunstig voor de PvdA, hoewel er een korte afvlakking lijkt te zijn in de laatste 2 weken voorafgaande aan die verkiezingen.


PVV
Bij de afgelopen Kamerverkiezingen werd de steun voor de PVV stevig onderschat in de peilingen (met zo'n 3%). Daar lijkt nu niet zozeer sprake van te zijn (analyse niet getoond), maar het is lastig om dat precies vast te stellen. Wat wel duidelijk is dat Wilders de goede scores van zijn partij in de zomer niet heeft weten vast te houden. Sinds de affaire-Lucassen is er sprake van een stevige afname van de steun. Na een kortstondig herstel in de eerste maanden van dit jaar, lijkt Wilders' steun opnieuw af te nemen. Hij scoort volgens de schatting nu rondom de score van 9 juni 2010.

CDA 
De steun voor het CDA blijft kwakkelen. De partij verloor sterk tijdens de onderhandelingen over de regering (zeker rondom het gedoe met de 'drie dissidenten'). Daarna was er sprake van een gedeeltelijk herstel, maar dit wil niet echt doorzetten. De afgelopen maanden is er een duidelijke golfbeweging te zien in de steun voor het CDA. Momenteel scoort de partij iets onder de 11% (+- 17 zetels).



Andere partijen

De SP lijkt garen te spinnen bij het kabinet. De partij bleef aanvankelijk hangen op het niveau van de laatste verkiezingen, maar staat daar de laatste maanden steeds ruim een procent boven. Ook D66 doet het goed en wint als de peilingen bewaarheid zouden worden nu ongeveer 1,5%punt ten opzichte van de vorige verkiezingen. GroenLinks deed het aanvankelijk goed, maar verloor duidelijk rondom de kwestie Kunduz. Er lijkt nu een licht herstel op te treden. De steun voor ChristenUnie en SGP is vrij stabiel (SGP is lastig te schatten met deze methode omdat Peil.NL en TNS-NIPO geen percentages, maar alleen zetels presenteren). De PvdD laat een golfbeweging zien rondom de huidige twee zetels.


*De genoemde cijfers zijn gebaseerd op een 'pooling the polls' model, waarbij peilingen van Peil.NL (Maurice de Hond), Synovate (Politieke Barometer) en TNS-NIPO worden gecombineerd tot een (dagelijkse) schatting van de politieke steun voor de politieke partijen. Meer uitleg staat op de site van Simon Jackman, voor wie niet bang wordt van termen als 'random walk model', 'prior' en 'Markov Chain Monte Carlo estimation'. Kortgezegd: als je de gegevens van drie peilingen combineert, weet je meer dan van een enkele peiling. Je kunt ook aangeven hoe 'zeker' de gepeilde percentages zijn (een 95% interval staat grijs geplot in de figuur).












vrijdag 3 december 2010

Hoe meer peilingen, hoe beter: een analyse van de steun voor de coalitiepartijen

De aanhang van de coalitiepartijen VVD, CDA en PVV is sinds het aantreden van het kabinet gestegen, maar in de laatste maand stabiel. Die trend valt te ontwaren uit de peilingen van de Politieke Barometer, Peil.nl en TNS NIPO, als je alle gegevens bij elkaar neemt. Vanaf de presentatie van het regeerakkoord was er een stijging van de steun voor de regeringspartijen, maar deze stijging vlakte vanaf eind oktober af. De affaire-Lucassen laat wel een verschuiving binnen de coalitie zien: de PVV verloor, terwijl het CDA won. De VVD steeg al sinds de zomer, maar lijkt wat af te vlakken.

De bovenstaande conclusies trek ik op basis van een analyse van alle peilingen sinds de verkiezingen van de Politieke Barometer, Peil.nl en TNS NIPO. In de onderstaande figuur zijn de percentages voor VVD, PVV en CDA in elke peiling weergegeven met gekleurde bollen. Met behulp van een door Simon Jackman ontwikkelde methode, kun je per dag berekenen wat de procentuele steun voor een partij of combinatie van partijen is, waarbij je al deze gegevens meeneemt. Peilingen zijn misschien wel onzeker en overschat, maar toch geldt: hoe meer je er hebt, hoe meer we weten.

Gekleurde bollen geven peilingen van de Politieke Barometer (blauw), Peil (rood) en TNS Nipo (groen). De zwarte lijn geeft de gemiddelde verwachting na 1 miljoen MCMC simulaties, het grijze gebied is een 95% waarschijnlijkheidsinterval. 


De methode werkt ongeveer als volgt. We gaan er vanuit dat de werkelijke steun voor de coalitie op een bepaalde dag wordt gemeten door de peilingen. Die hebben een foutmarge, omdat ze niet iedereen naar hun stemgedrag vragen, maar slechts 1000 of 1500 mensen (Peil.nl en de Politieke Barometer geven geen precieze aantallen per peiling, ik heb gerekend met 1500 respectievelijk 1000 respondenten). Als een peiling met 1000 mensen schat dat de coalitie 50% steun heeft, dan kun je er in 95% van de gevallen vanuit gaan dat de 'echte' steun ergens tussen de 47% en 53% ligt. Als er op een dag geen peiling is, gaat het model er vanuit dat de steun voor de coalitie gelijk is aan die van gisteren plus of minus een klein beetje ("random walk"). Hoe langer een peiling in het verleden ligt, hoe meer afwijkingen er kunnen zijn: mensen kunnen immers van mening veranderen. Als er weer een nieuwe peiling komt, wordt de schatting weer preciezer: we hebben immers weer meer gegevens over de stemvoorkeuren van mensen. Op deze manier kun je met behulp van een Markov Chain Monte Carlo (MCMC) model voor elke dag sinds de verkiezingen een inschatting maken van de steun voor de coalitiepartijen.

De bovenstaande figuur geeft aan dat er best wel wat onzekerheid is over de precieze steun voor de coalitie. De gemiddelde verwachting wordt weergegeven door de zwarte lijn, maar eigenlijk weten we maar met 95% zeker dat de steun voor de coalitiepartijen ergens in het grijze gebied ligt. Daarbij gaat dit model er ook nog vanuit dat de peilingbureaus de steun voor VVD/PVV/CDA niet stelselmatig over- of onderschatten ("huiseffecten") en dat ze net zo nauwkeurig zijn als je op basis van willekeurige steekproeftrekking kunt verwachten ("designeffecten"). Als je die aannames loslaat, blijft dezelfde ontwikkeling te zien, maar is de onzekerheidsmarge groter. In zekere zin geeft onderstaande figuur het meest rooskleurige beeld: de werkelijke onzekerheidsmarges zijn eerder groter dan kleiner.

Desalniettemin geven dit soort analyses toch meer informatie dan 'losse'  peilingen. Door het bundelen van informatie weten we meer over de 'echte'  voorkeuren van kiezers. Daarnaast laat het zien welke onzekerheden er zijn - en dat het dus onzin is om verschuivingen van enkele zetels in peilingen met ingewikkelde of simplistische verklaringen te duiden: grote kans dat er helemaal niets aan de hand was.

In volgende posts zal ik meer schrijven over het beeld van individuele partijen en laten zien wat er gebeurt als je zogenaamde 'huiseffecten' van peilingsbureaus meeneemt in de analyse.