Pages

Posts tonen met het label rechts. Alle posts tonen
Posts tonen met het label rechts. Alle posts tonen

zondag 5 september 2010

De coalitieruimte: kloof tussen links en rechts

Na de mislukte informatiepoging over rechts zijn de meningen van kiezers over de te vormen coalitie verder gepolariseerd. Dit blijkt uit een analyse van de resultaten van de meest recente peiling van Peil.nl. De VVD is de enige (vrijwel) onomstreden kandidaat voor deelname in het nieuw te vormen kabinet. Over de andere partijen die deel moeten nemen, lopen de meningen ver uiteen. De kloof tussen links en rechts is zeer groot.

Onderstaande figuur geeft de bijgewerkte ‘coalitieruimte’ weer: hoe kiezers denken over de samenstelling van het nieuw te vormen kabinet. Op basis van de vragen in Peil.nl van 5 september over de partijen die ‘zeker’ of ‘zeker niet’ deel moeten uitmaken van de coalitie, heb ik een afstandsmatrix tussen partijen en kiezersgroepen gemaakt. De afstand tussen PVV-kiezers en de PVV is heel klein: bijna al deze kiezers willen de PVV graag in de regering. De afstand tussen GroenLinks-kiezers en de PVV is echter 0,97 (maximaal 1), dus bijna alle ondervraagde GroenLinksers zeggen de PVV zeker niet in de regering te willen. De figuur is een grafische vertaling van deze afstandsmatrix (ongeveer zoals je een kaart kunt maken op basis van een afstandstabel tussen steden).

De centrale positie van de VVD geeft aan dat deelname van deze partij vrijwel onomstreden is: alleen SP’ers zeggen in meerderheid dat de VVD zeker niet in de regering moet. Helemaal links in de figuur staat de PVV: bepaalde kiezersgroepen willen de PVV graag in de regering (PVV-ers 96%, VVD-ers 55%), terwijl anderen dit juist verwerpen (GL-ers 95%, PvdA-ers 93%, SP-ers 83%). Voor de linkse partijen inclusief D66 is het beeld hetzelfde: linkse kiezers zien ze graag regeren, rechtse kiezers verafschuwen dit. De afstand tussen D66 en SP is hierbij nog het grootste: met name D66-ers zien de SP niet echt zitten.

In de rechtse groep partijen staat het CDA enigszins apart. PVV-kiezers staan niet meer echt te trappelen bij regeringsdeelname van de christen-democraten (20% van hen wil CDA zeker wel, 47% zeker niet). Daarom staat de rode stip van het CDA relatief ver weg van die van PVV en VVD (hoewel de CDA-kiezers toch nog vrij dicht bij de andere rechtse partijen staan). Kiezers van VVD en PVV zijn relatief eensgezind, hoewel PVV-ers duidelijk negatiever staan ten opzichte van D66 dan VVD-ers.

Ten opzichte van de ruimte van eind juli (hieronder afgebeeld) is er een grote mate van overeenstemming te zien, hoewel de verschillen tussen links en rechts (nog) sterker geworden lijken te zijn. De punten van (de kiezers van) PvdA, GroenLinks en D66 staan dicht bij elkaar, wat wil zeggen dat hun kiezers soortgelijke standpunten hebben en dat er over regeringsdeelname van de drie in het algemeen hetzelfde wordt gedacht door kiezers. De stip van de VVD is naar het midden geschoven, maar de liefde komt van links: kiezers van PvdA, D66 en GroenLinks willen graag dat VVD meedoet aan hun Paars+ avontuur, maar VVD-kiezers zitten daar helemaal niet op te wachten. Overigens staan VVD-ers (en CDA-ers) negatiever tegenover GroenLinks dan de PvdA, dus het is maar zeer de vraag of een Roti(+) coalitie van VVD, CDA, D66, GroenLinks en ChristenUnie op veel steun kan rekenen. Als laatste valt de verwijdering tussen PVV en CDA op; gezien wat er de laatste weken allemaal is gebeurd, is dat natuurlijk geen verrassing.



De coalitieruimte laat zien dat de vraag ‘wat nu?’ een hele lastige is. Elke andere coalitie dan VVD/PVV/CDA moet de kloof tussen linkse en rechtse kiezers overbruggen. Dit geldt voor een middenvariant, voor Paars+ en ook voor Roti+. Zo’n coalitie zal in ieder geval door één groep kiezers met weinig enthousiasme onthaald worden. Het gevaar is dan ook dat deze kiezers bij volgende verkiezingen voor de meest radicale optie binnen hun linkse of rechtse blok zullen stemmen: nog meer polarisering. Het zal een enorme uitdaging zijn om deze scepsis te overwinnen met een goed programma en daadkrachtig optreden.

vrijdag 11 juni 2010

De rituele dans van het coalitiespel: Rechts, Nationaal of Paars+?

Nu de kiezer de zetels in de Tweede Kamer heeft verdeeld, moet de politiek op zoek naar een geschikte coalitieregering. In een situatie met tien partijen, zijn er 1023 mogelijke regeringssamenstellingen. Van die ruim duizend hebben er 507 een meerderheid. Veel van die coalities zijn niet erg voor de hand liggend, bijvoorbeeld een coalitie die uit alle partijen zou bestaan. De meeste aandacht zal uitgaan naar coalities waarbij alle partijen noodzakelijk zijn voor de meerderheid, de zogenaamde ‘minimal winning’ coalities. Er zijn in totaal 40 van die mogelijkheden, waarvan ik vijf voor de hand liggende opties op een rijtje heb gezet:


De meeste partijen hebben inmiddels aangegeven dat een Rechtse coalitie van VVD, PVV en CDA onderzocht moet worden. Deze combinatie heeft echter maar 76 zetels, iets wat ook VVD-leider Rutte zorgen baart. Maar omdat de PVV zo veel heeft gewonnen, wil hij toch eerst deze optie onderzoeken. Dit kan ook tactiek zijn. De VVD en PVV achterban zou het niet zomaar pikken als Rutte meteen Paars+ gaat onderzoeken; door eerst Rechts te verkennen, kan Rutte later niet worden verweten dat hij het niet met de PVV wilde proberen.

Een andere combinatie met drie partijen is een Nationaal kabinet met VVD, PvdA en CDA. Deze optie wordt traditioneel als onwenselijk gezien, omdat er dan geen echte oppositie zou zijn. Dat argument gaat inmiddels echter niet meer op. Er zijn naast de grote drie nog vier andere partijen in het parlement met minstens 10 zetels. Een Nationaal kabinet is een onlogische keuze.

Hoewel het er op lijkt dat Maxime Verhagen nog best een keer minister van Buitenlandse Zaken zou willen worden, kan het CDA natuurlijk ook voor de oppositie kiezen. In dat geval ligt Paars+ het meeste voor de hand. Deze combinatie van VVD, PvdA, D66 en GroenLinks heeft een vrij ruimte meerderheid van 8 1 zetels, maar zal wel vrij forse ideologische verschillen moeten overwinnen. De partijen kunnen elkaar wel vinden op de noodzaak van hervorming, maar over de precieze maatregelen is men het niet eens. De formatie van Paars+ zou dan ook wel eens lang kunnen duren.

Zonder de VVD kan ook worden geregeerd. Eén optie is een Rooms-Rode coalitie met de drie linkse partijen PvdA, GroenLinks en SP aangevuld met het CDA. De SP heeft haar voorkeur uitgesproken voor deze coalitie, maar het is zeer de vraag of het CDA zo’n avontuur aan zou durven. Uit alle mogelijke opties, is dit één van de meest linkse mogelijkheden.

Als zowel VVD, PVV als SP buiten de regering worden gehouden, blijft een Centrum combinatie over bestaande uit PvdA, CDA, D66, GroenLinks en ChristenUnie. In feite de ‘oude coalitie’, die haar meerderheid ruim heeft verloren (nu 56 zetels), aangevuld met D66 en GroenLinks. Gezien dat feit ligt ook deze coalitie ook niet echt voor de hand, maar als de formatie lang gaat duren, kan het soms vreemd lopen.

Wat zijn de politiek-inhoudelijke posities van deze mogelijkheden? Veel kiezers zullen inmiddels bekend zijn met de politieke ruimte van het Kieskompas. In deze tweedimensionale figuur staan de partijen gepositioneerd op twee assen: links-rechts en conservatief-progressief. Hoewel op de samenstelling van die assen een hoop aan te merken is, kun je de ruimte gebruiken om de politiek-inhoudelijke positie van de coalities te schatten. Het kieskompas bestaat uit 30 stellingen, waarop partijen een positie innemen van 1 tot 5. De positie van een coalitie op een stelling is berekend als het gemiddelde van de positie van de coalitiepartners (gewogen naar zetelaantal). De positie in de ruimte is vervolgens net zo berekend als dat voor de partijen ook is gebeurd: door het gemiddelde te nemen van de positie op de stellingen. Op deze manier kun je dus de coalitie-opties ook in de ruimte van het Kieskompas weergeven. Dit is zeker geen perfecte voorspelling van het coalitieakkoord, maar geeft enig idee van wat te verwachten valt (immigratie en integratie komt bijvoorbeeld niet sterk voor in het kieskompas, dus deze verschillen worden waarschijnlijk onderschat).

De kleine grijze puntjes staan voor de posities van de minimal winning coalities. De meeste van deze coalities zitten net aan de conservatieve kant van de ruimte, zowel links als rechts. De vijf coalities van hierboven heb gemarkeerd in het rood en van een label voorzien. De meest rechtse coalitie is duidelijk die van VVD, PVV en CDA (Rechts). Deze coalitie staat het dichtste bij VVD, PVV en CDA. De Nationale staat ook vrij ver naar rechts; dat is dus qua beleid de tweede voorkeur voor CDA en VVD. Paars+ is een veel progressievere optie (namelijk met PvdA, GroenLinks en D66), die ook nog eens duidelijk meer naar links staat. Geen wonder dat Rutte hier vooralsnog niet zo veel voor voelt. Nog iets verder naar links staat de Centrum coalitie, die redelijk aantrekkelijk lijkt voor de PvdA, maar niet echt voor andere partijen. De meest linkse regering die getalsmatig mogelijk is de Rooms-Rode combinatie van de drie linkse partijen met het CDA. Aantrekkelijk voor die linkse partijen, maar absoluut niet voor het CDA.

Gezien de getalsverhoudingen en de politiek-inhoudelijke afstanden lijken dus Rechts, Nationaal en Paars+ de meeste kans te maken. De eerste coalitie is inhoudelijk coherent, maar heeft de kleinst mogelijke meerderheid. De tweede coalitie komt wellicht daarna in beeld, maar zal voor de PvdA minder aantrekkelijk zijn. Daarnaast moet het CDA ook daar aan mee doen en het is de vraag of die partij wil regeren. Paars+ is een alternatief zonder CDA, maar zal met name voor de VVD minder aantrekkelijk zijn vanwege inhoudelijke verschillen. Waarschijnlijk zal men eerst rechts verkennen; mocht dat toch te instabiel blijken (ook met eventuele gedoogsteun van SGP en/of CU), dan is waarschijnlijk Paars+ de volgende optie. Maar een Nationaal kabinet kan nog niet worden uitgesloten.