Pages

donderdag 14 januari 2010

Crisisperikelen, de NOS en de debatkwaliteiten

Gisteren de hele avond mijn favoriete soap gekeken. Een hele avond vermaak voor nop. «Op kosten van de belastingbetaler!» zouden VVD en consorten zeggen. Inderdaad. En dat is maar goed ook. Het laatste stukje heb ik wel gemist, want het debat duurde nogal lang - met aan het einde veel herhalingen. Een echte soap dus. Die arme Ruud Koole zat daar keurig geschminkt bij NOVA...

Vanochtend dus maar even het NOS journaal aangezet om de laatste uitkomsten van het debat te horen. De ochtendploeg had waarschijnlijk het debat niet echt gevolgd. Want welke politicus krijgt de eerste soundbite uit het debat? Wilders. De hele avond nauwelijks gehoord!

Wat Wilders zei was natuurlijk ook niet echt verrassend of vernieuwend - al had het me niet echt verbaasd als hij had gezegd dat deze hele crisis de schuld is van de Irakese moslims. Ook Agnes Kant was weer niet echt sterk. Oprecht getergd, dat wel. Maar dat komt in het debat meestal niet echt goed van pas.

Pechtold en Halsema hadden een sterke bijdrage. Al struikelde Pechtold soms een beetje over zijn eigen enthousiasme. Ook Kees van der Staaij (SGP) was goed in vorm, beetje nerveus maar sterk. Die bereid zich al voor op zijn komende fractievoorzitterschap. Hij had natuurlijk ook een vrije rol, die het maken van een gedegen analyse mogelijk maakt. Over die rol zegt hij op de SGP website heel mooi:
"Iedereen, coalitie, oppositie, en ook wij als SGP, die daar tussenin staan, moeten dat in onze oren knopen."


De coalitiepartijen hadden het natuurlijk wel minder makkelijk. Hamer deed het, naar mijn smaak, niet eens zo slecht. Als ze het over de hoofdlijn had was ze sterk ("Eerst verwees Balkenende het rapport zowat naar de prullenbak en nu neemt hij het als leidend voor de kabinetsreactie"). Op detailvragen van Rutte wist ze het antwoord echter niet echt te vinden. In ieder geval was het sterker dan het verhaal van Van Geel, die volgens mij beter een spinnerij kan beginnen met al dat wollige taalgebruik van hem. Volgens mij was het probleem niet dat de premier op dinsdag onduidelijk was geweest - eerder té duidelijk!

Hoe nu verder? Zou het CDA verlenging van de missie in Uruzgan gaan eisen als payback voor hun tegemoetkoming? Dat wordt nog een lastige. Probleem voor de PvdA is dat het electoraal gezien niet handig is om op dat onderwerp te breken. Nog maar even uitstellen dan totdat de rapporten over de bezuinigingen binnen zijn. Wat dat gaat pas echt pijn doen!

zondag 10 januari 2010

Stemgedrag gemeenteraad Leiden

Kortgeleden tijdens een campagneborrel van GroenLinks werd er stoer gesproken over afwijkend stemgedrag van GroenLinks in de gemeenteraad de dag ervoor. De vraag is dan natuurlijk: is dat een incident of komt dat wel vaker voor? Dankzij de database van Wat stemt mijn raad? is dit vrij gemakkelijk te onderzoeken.

De database van Wat stemt mijn raad bevat 225 stemmingen van de Leidse gemeenteraad uit het jaar 2009. In 117 van die stemmingen stemmen alle (aanwezige) partijen vóór. Dat zijn vaak de meer technische voorstellen of voorstellen waarover eigenlijk weinig discussie bestaat: een meerderheid, blijkbaar! Overigens is dit niet zo vreemd, want dat zie je bijvoorbeeld ook in de Tweede Kamer.

De 108 stemmingen waarbij niet iedereen voor stemt, kun je gebruiken om een ruimtelijk model van de Leidse partijen te maken. De figuur hieronder is op die manier gemaakt met behulp van WNOMINATE in R. Partijen die dicht bij elkaar staan stemmen vaak hetzelfde, partijen die ver van elkaar staan stemmen vaak anders.



Het model hierboven is tweedimensionaal, maar je kunt ook een eendimensionale oplossing maken met WNOMINATE (zie onderaan de post). Een tweedimensionale oplossing komt echter iets beter overeen met het stemgedrag van de partijen. In het horizontale vlak is een duidelijke tegenstelling tussen coalitie (CDA, VVD, PvdA, GL) en oppositie te zien. Alleen de CU staat als oppositiepartij dicht in de buurt van de coalitie. Vooral de PvdA en GroenLinks stemmen bijna altijd hetzelfde. In de Tweede Kamer is ook altijd een duidelijk coalitie-effect te zien bij stemmingen; in Leiden is het niet anders. Stemgedrag wordt eerder door coalitielidmaatschap dan door ideologische positie bepaald.
Verticaal gezien zien we verschillen tussen VVD en SLO aan de ene kant en CU en LL aan de andere kant. Dit gaat echter om een beperkt aantal stemmingen.

Helaas bevat de database alleen informatie over de stemmingen in 2009. Het zou interessant zijn om te kijken hoe het stemgedrag is veranderd na de tussentijdse wisseling in het college van B&W in 2007.



(Het ééndimensionale model met de scores op de x-as: VVD en SP stemmen het meest verschillend)

vrijdag 18 december 2009

Wat wilt u?

Verleden week ontving ik een uitnodiging van GroenLinks voor een enquête onder leden en symphatisanten. Deze week al een herinnering; er zit blijkbaar haast achter. De uitnodiging was als volgt:

"Geachte heer Louwerse,

Dankzij onze leden, donateurs en sympathisanten zijn we al 20 jaar een zichtbare partij met herkenbare standpunten. U bent zeer belangrijk voor ons, want u vormt ‘de ruggengraat’ van GroenLinks. Als partij zijn we klaar om te regeren en daarom hebben we nu uw steun nog meer nodig dan anders!

We vinden het ook hoog tijd om elkaar beter te leren kennen. Als wij uw persoonlijke wensen en verwachtingen kennen, zijn we nog beter in staat om u goed te ondersteunen en informeren. Zo kunnen we samen werken aan een groener en socialer Nederland.

Daarom vragen wij om uw medewerking aan een onderzoek onder leden, donateurs en sympathisanten van GroenLinks. Het onderzoek wordt uitgevoerd door een onafhankelijk onderzoeksbureau: Zest Marketing Consultancy.

Het onderzoek is niet anoniem, zodat uw antwoorden ons kunnen helpen om meer informatie op maat aan te bieden of in te spelen op uw persoonlijke wensen. Uw gegevens worden uiteraard vertrouwelijk behandeld en niet aan derden verstrekt.

(...)

P.S. Uw mening telt! Vul daarom vandaag nog de vragenlijst in en help GroenLinks bij het verbeteren van de informatie en dienstverlening die we u aanbieden."


Op zijn zachts gezegd was ik nogal verbaasd. Op zich is het natuurlijk prima dat een partij bij de leden informeert wat er leeft. Zeer aan te bevelen zelfs. Hoewel een persoonlijk (telefoon)gesprek dan misschien het meest voor de hand ligt, valt er dan ook nog wel iets te zeggen voor een schriftelijke/online enquete.

Mijn verbazing kwam dan ook door twee andere punten. Ten eerste: was GroenLinks niet die partij die zich inzet voor privacy, tegen het opslaan van allerlei telefoon- en internetverkeer, identificatieplicht en de opslag van OV-chipkaartgegevens? Maar nu is het wel ineens prima om allerlei gegevens aan de eigen leden te vragen en die niet anoniem op te slaan? "Maar dan zijn we beter in staat om u te ondersteunen en te informeren!" Ja, dat is altijd zo. Google slaat alle informatie op voor "reclame op maat", de OV chipkaart worden gebruikt voor een beter inzicht in het reisgedrag en de Albert Heijn Bonuskaart zorgt ook alleen maar voor persoonlijke aanbiedingen. Nee, natuurlijk zegt er nooit iemand: we gaan een heel groot databestand maken om u in de gaten te kunnen houden! Maar het gevolg van die grote databestanden is natuurlijk wel dat het Openbaar Ministerie er prachtige gegevens uit kan halen. Wat zullen onze vrienden uit Zoetermeer er wel niet mee doen?! Dus waarom kan dat niet anoniem? Wetenschappers slagen er prima in om met behulp van anonieme enquêtes inzicht te krijgen in sociale fenomenen.


Los daarvan, en dit vind ik minstens zo erg: let even op het taalgebruik, met name dit:
"help GroenLinks bij het verbeteren van de informatie en dienstverlening die we u aanbieden."

GroenLinks is toch de thuiszorg, de rechtswinkel of T-Mobile niet? Ik ben toch geen lid geworden vanwege de fantastische 'informatie en dienstverlening'?! Als politieke partijen diensten gaan verlenen, loopt het al snel fout. Politieke partijen worden al steeds meer openbare dienstverleners, maar ik mag toch hopen dat juist GroenLinks zich niet bij die trend aansluit. Of in ieder geval niet dit misselijkmakende jargon te bezigen.

Wat wilt u? Twee dingen dus: Als er zo'n enquete gehouden moet worden, dan anoniem. En maak van de partij geen dienstverlenende instantie. Informatie naar de leden toe en soms wellicht een helpende hand als het gaat om het ontplooien van maatschappelijke initiatieven, prima. Maar de leden moeten toch eerst en vooral worden gezien als gesprekspartners in een inhoudelijke discussie over wat we willen als partij en hoe we dat moeten aanpakken. Door op deze manier te vragen naar wat ik wil, voel ik me weinig serieus genomen.

maandag 10 augustus 2009

Uitsluiten partijen

Nu er zo veel opheft is over het uit principe uitsluiten van bepaalde partijen voor regeringsdeelname, met name het uitsluiten van de PVV door de PvdA (en overigens ook van GroenLinks door de PVV!), is het misschien goed om even terug te kijken.
Lees bijvoorbeeld de volgende paragraaf uit het VVD verkiezingsprograma 1967:

Niet met de PvdA
De huidige plannen van de P.v.d.A. met haar verouderde dogmatisch socialistische opvattingen betekenen een gevaar voor de economie van ons land. De V.V.D. zal daarom de komende periode - evenals in 1959 en in 1963 - niet deelnemen aan een kabinet waarin ook socialistische ministers zitting zouden hebben.


De VVD sloot dus al drie verkiezingen lang expliciet de PvdA uit! En ze bleef dit doen tot in de jaren '70.

Het uitsluiten van regeringsdeelname geeft duidelijkheid; al vraag je je natuurlijk af of de gemiddelde kiezer zelf ook misschien niet kan bedenken dat een PvdA/PVV kabinet niet echt voor de hand ligt. Het kan echter problematisch worden als alle partijen een bepaalde partij uitsluiten (vgl. België). Dan ontstaat er een partij die met recht een populistische agenda kan voeren: ze worden immers door de 'heersende elite' aan de kant gezet. Aangezien dat in Nederland niet het geval is, is het elkaar uitsluiten door 'links' en 'rechts' hier eerder een toneelstuk in drie aktes, opgevoerd voor ons vermaak (met name ten behoeve van de heer Mingelen), dan een serieus politiek probleem.

donderdag 4 juni 2009

De wereld van de StemWijzer

Stemmen is niet gemakkelijk, vooral als je geen idee hebt waarover de betreffende institutie besluit en welke visies daarop bestaan. Los van de verkiezingen voor waterschappen en universiteitsraden is het Europees Parlement bij uitstek een institutie waar dit voorkomt. Menige vriend of kennis heeft me dan ook gevraagd wat men "moet stemmen" of welke kieswijzer men het beste kan raadplegen.

Kieswijzers zijn handige hulpmiddelen voor degenen die weinig idee hebben van de voorkeuren van partijen bij politieke conflicten. De resultaten geven op zijn minst enig idee over de mate waarin jouw voorkeuren overeenkomen met die van partijen. Het is natuurlijk het beste om daarbij een aantal kieswijzers te vergelijken, zoals de Stemwijzer en de EUProfiler/Kieskompas. Bij de EUProfiler krijg je uiteindelijk een soort kaartje te zien waar jouw positie in het politieke landschap staat ingekleurd, althans het politieke landschap zoals de makers van de EUProfiler denken dat het er uit ziet.
Bij de Stemwijzer krijg je de mate van overeenstemming te zien. Echter, uit de antwoorden die de partijen hebben gegeven op de stellingen kun je ook een soort politiek landschap maken, wat ook wel een politieke ruimte wordt genoemd. Hierbij staan partijen die vaak het zelfde antwoord geven op stellingen dicht bij elkaar en partijen die vaak een ander antwoord geven ver van elkaar. Als je dit doet voor de Stemwijzer, krijg je zoiets als dit:



Dit plaatje is gemaakt met W-Nominate, een programma dat normaal gesproken wordt gebruikt om stemgedrag in parlementen te analyseren. Omdat de stellingen van de Stemwijzer ook een soort 'stemmingen' zijn, werkt dat ook hier erg goed. Dit is een plaatje met twee dimensies, maar je kunt ook een eendimensionale ruimte maken - in dit geval krijg je dan een lijn met partijen die bijna gelijk loopt aan de X-as van bovenstaande figuur (van Newropeans naar PVV).

Opvallend is dat de antwoorden van partijen een soort combinatie zijn van de tegenstelling tussen 'links' en 'rechts', maar ook 'pro-europees' en 'anti-europees'. De PVV is zowel 'rechts' als 'anti-europees' en is dus het meest extreem. De SP is weliswaar links, maar ook 'anti-europees' en staat dus ergens midden-boven. Zij lijken qua antwoorden dus soms op de PVV (tegen Europa), maar vaak ook op GroenLinks en D66 (voor Milieu en Sociale samenwerking). De CU/SGP staan op de X-as op dezelfde positie als de SP, maar op de Y-as verschillend. Ook zij zijn euro-kritisch, maar ze hebben daarnaast regelmatig dezelfde standpunten als de rechtse partijen VVD, PVV en CDA. Opvallend is dat VVD en CDA erg dicht bij elkaar staan en ook redelijk dicht bij de PVV. Het CDA dat van oudsher pro-Europees is - en dat in de campagne ook nu nog redelijk naar voren laat komen- staat in de Stemwijzer dus even dicht bij de anti-Europese PVV als het pro-Europese D66. De meest pro-Europese partijen zijn hier D66, GL, Newropeans en De Groenen.

Een model als dit betekent niet dat de politieke ruimte er 'echt' zo uit ziet. Het is een weergave van de onderliggende patronen van de antwoorden van partijen op de stellingen van de Stemwijzer. Die patronen zijn soms opvallend. Dat kan ook komen door de selectie van stellingen door kieswijzer. In de Stemwijzer komen namelijk relatief veel pro/anti-Europa stellingen voor, terwijl het Europees Parlement daar nou juist weinig over te zeggen heeft. Het EP houdt zich vooral bezig met hóe Europa de bevoegdheden die het heeft invult. Het advies blijft dan ook: laat je op verschillende manieren informeren.

woensdag 3 juni 2009

Kandidaten Kamerverkiezingen

Nu.NL bericht dat de PVV vreest niet genoeg kandidaten te mogen stellen bij de volgende verkiezingen. Partijen die minder dan 16 zetels hebben, mogen immers maar een kieslijst van 30 mensen indienen. Dit om belachelijk lange lijsten van weinig serieuze partijen te voorkomen. De PVV vreest dat ze, als ze meer dan 30 zetels halen, die niet zouden kunnen vullen.

Dit is onzin.

De regel is namelijk dat men per kieskring maximaal 30 kandidaten mag stellen als kleine partij. Aangezien er 19 kieskringen zijn, mag de PVV dus 19 x 30 = 570 personen kandideren. Dat zijn bijna 4 Tweede Kamers vol! Nu mag de PVV hopen dat ze het goed doet, maar zoveel zetels haalt men in ieder geval niet. Zelfs al willen ze Wilders overal op 1 zetten, dan kan men nog 540 andere kandidaten stellen.